Heeft AI nu al invloed op de behandelingsbeslissingen van artsen?

Het gebruik van generatieve artificiële intelligentie neemt snel toe onder zorgprofessionals en begint invloed uit te oefenen op klinische keuzes. Een analyse van IQVIA, gepubliceerd in maart 2026, en verschillende recente studies tonen aan dat deze tools zich opwerpen als een nieuwe bron van medische informatie en nu al bepaalde therapeutische beslissingen beïnvloeden.

Volgens een analyse van IQVIA (EMEA, maart 2026) geeft 54% van de zorgprofessionals aan generatieve AI-tools te gebruiken om toegang te krijgen tot wetenschappelijke informatie. Van hen beschouwt 38% deze tools inmiddels als een “cruciale” of “zeer belangrijke” bron van medisch bewijs. De acceptatie is nog groter onder regelmatige gebruikers: 94% is van mening dat AI de toegang tot informatie vergemakkelijkt, en 72% dat het bijdraagt aan het verbeteren van hun therapeutische beslissingen.

Deze trend reikt verder dan alleen de Europese context. In de Verenigde Staten geeft de American Medical Association aan dat 66% van de artsen al AI gebruikt in hun praktijk, waarvan 37% dagelijks. AI is niet langer beperkt tot een ondersteunend hulpmiddel: het wordt een beslissingspartner die is geïntegreerd in de klinische workflow.

Een directe invloed op de medische beslissing
De impact van deze technologieën op het klinisch redeneren is inmiddels gedocumenteerd. Een studie gepubliceerd in npj Mental Health Research in 2025 toont aan dat wanneer de aanbeveling van een AI-systeem afwijkt van de initiële beoordeling van de arts, 66,7% van de artsen hun therapeutische beslissing aanpast. Dit resultaat benadrukt een fenomeen van “cognitieve herijking” waarbij AI fungeert als een invloedrijk, zelfs bepalende second opinion.

Deze dynamiek gaat gepaard met de ontwikkeling van tools die specifiek voor artsen zijn ontworpen, met de recente lancering van versies van ChatGPT die zijn aangepast voor klinisch gebruik. Deze oplossingen worden in dit stadium echter voornamelijk in de Verenigde Staten ingezet en zijn vanwege regelgevende beperkingen nog niet beschikbaar in Europa.

Deze verschuiving roept centrale vragen op voor de medische praktijk: validatie van bronnen, transparantie van algoritmen en klinische verantwoordelijkheid. Maar ze onthult ook een meer structurele evolutie: toegang tot medische kennis verloopt niet langer uitsluitend via wetenschappelijke tijdschriften, aanbevelingen of opinieleiders, maar ook via algoritmische interfaces.

Een economische uitdaging die nog weinig in kaart is gebracht
Naast de klinische praktijk zijn de economische implicaties voor de farmaceutische industrie aanzienlijk. Volgens een expert uit de sector betekent dit dat als AI slechts 5% van de voorschrijfbeslissingen in een therapeutische klasse beïnvloedt, dit neerkomt op 50 miljoen dollar aan jaarlijkse omzet voor een molecuul dat 1 miljard dollar genereert, en tot 150 miljoen voor een merk van 3 miljard.

Met andere woorden, een aanzienlijk deel van de voorschriften verloopt al via een kanaal – AI – dat de meeste spelers nog niet in kaart hebben gebracht. Deze situatie doet denken aan de opkomst van direct-to-consumer-reclame (DTCA) in de Verenigde Staten, die de farmaceutische industrie ertoe heeft aangezet om specifieke budgetten, meetinstrumenten en strategieën op te zetten. Vandaag de dag vertegenwoordigt dit segment ongeveer 8 miljard dollar per jaar.

Op weg naar “algoritmisch vertrouwen”
Zal in deze context de logica van de dominantie van medische informatie – historisch gezien gekoppeld aan promotionele druk – plaats gaan maken voor die van “algoritmisch vertrouwen”? Het gaat dan niet langer alleen om zichtbaarheid, maar om aanwezigheid in de informatiebronnen die artsen gebruiken en die door AI-systemen als betrouwbaar worden erkend.

Een transitie die nog gaande is
Hoewel de acceptatie snel verloopt, is de structurering nog onvolledig. Generatieve AI-tools worden nog niet systematisch geïntegreerd in klinische processen en er vindt geen gestandaardiseerde evaluatie van hun impact plaats. De regelgevende kaders, met name in Europa, evolueren, maar hebben moeite om het tempo van de innovatie bij te houden.

Voor zorgprofessionals blijft de onmiddellijke uitdaging de betrouwbaarheid van de informatie en het vermogen om deze tools te integreren zonder het klinisch oordeel te beïnvloeden. Voor de industrie gaat het er nu om te anticiperen op een blijvende verschuiving van het beïnvloedingspunt, waarbij de medische beslissing steeds meer tot stand komt op het snijvlak van menselijke expertise en algoritmische aanbevelingen.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.