Doktr wil uitgroeien tot een allesomvattend zorgplatform

Vijf jaar na de lancering wil Doktr een volgende stap zetten in de digitale zorg. Het platform kijkt daarbij verder dan videoconsultaties en wil uitgroeien tot een bredere toegangspoort tot de gezondheidszorg. Dat roept ook vragen op. Hoe ver reikt de rol van een digitaal zorgplatform? En welke plaats blijft er voor de huisarts als eerste aanspreekpunt?

In een strategische nota blikt Doktr vijf jaar na zijn oprichting terug op de evolutie van hybride zorg in België en schetst het tegelijk zijn ambities voor de komende jaren. Het platform, dat in 2021 door Proximus werd gelanceerd en waarvan inmiddels ook CM, Solidaris en AG aandeelhouder zijn, ziet zijn rol duidelijk verbreden.

Uit die nota blijkt dat Doktr verder wil evolueren dan videoconsultaties. Waar de focus aanvankelijk lag op videoconsultaties bij huisartsen, biedt het platform vandaag ook psychologische ondersteuning, zelfzorgmodules en begeleidingstrajecten zoals terug-naar-werkcoördinatie. Dat sluit aan bij het federale beleid, dat de re-integratie van langdurig zieken steeds sterker stimuleert.

De volgende stap gaat nog verder. Doktr wil evolueren van een consultatieplatform naar een zorgnavigatieplatform dat patiënten sneller naar de juiste zorgverlener begeleidt. "Door de toegang voor patiënten te vereenvoudigen, zorgverleners de regie te laten behouden en te integreren waar dat echte meerwaarde creëert, maken we het zorgsysteem efficiënter voor iedereen", zegt managing director Jan Van Wijnendaele.

Opvallend is dat Doktr nieuwe digitale ondersteuning wil aanbieden via onder meer klachteninschatting en een chatfunctie die gebruikers sneller richting en advies moet geven. Daarnaast wil de app patiënten niet alleen naar huisartsen of psychologen begeleiden, maar geleidelijk ook naar andere zorgverleners en specialisten.

Daarmee positioneert Doktr zich nadrukkelijker als toegangspoort tot de zorg. Die evolutie past volgens het bedrijf in een bredere visie op hybride zorg, waarbij digitale toepassingen niet langer naast de klassieke zorg staan, maar er integraal deel van uitmaken.

Terugbetaling als hefboom
Verder blijkt uit de strategische nota dat Doktr de verdere ontwikkeling van digitale zorg niet uitsluitend als een technologische uitdaging ziet. Het bedrijf wijst expliciet op de nood aan duidelijke afspraken over samenwerking, organisatie én terugbetaling.

Een concrete vraag naar bijkomende financiering formuleert Doktr niet. Toch klinkt de boodschap duidelijk: zonder een stabiel vergoedingsmodel en een goede inbedding in bestaande zorgtrajecten zal hybride zorg moeilijk verder kunnen groeien.

Die boodschap krijgt extra gewicht tegen de achtergrond van het Belgische teleconsultatiebeleid. In februari 2025 werden de klassieke telefonische teleconsultaties van de ene dag op de andere op nul gezet, terwijl videoconsultaties binnen digitale toepassingen zoals Doktr wel een terugbetalingskader behielden. Dat leidde tot kritiek vanuit verschillende artsensyndicaten, die wezen op de nauwe betrokkenheid van ziekenfondsen bij Doktr.

Het platform wil de komende jaren nog sterker inzetten op integratie in bestaande digitale omgevingen. Zorg moet bereikbaar worden via apps en platformen die patiënten vandaag al gebruiken, luidt het. Ook werkgevers en verzekeraars worden daarbij nadrukkelijk genoemd als partners binnen bredere welzijns- en zorgstrategieën.

Volgens Van Wijnendaele toont vijf jaar praktijkervaring aan dat de grootste meerwaarde niet schuilt in afzonderlijke digitale toepassingen, maar in oplossingen die ingebed zijn in bestaande zorgprocessen. "Zorgverleners moeten daarbij de controle behouden", benadrukt hij.

Waar blijft de huisarts in dit verhaal?
Opvallend is wel dat de strategische nota nauwelijks ingaat op de plaats van de huisarts binnen die verdere digitalisering. Hoe de communicatie met de behandelende arts verloopt, hoe de continuïteit van zorg wordt gegarandeerd of welke verantwoordelijkheid digitale triage precies draagt, komt niet aan bod.

Het zijn uitgerekend de aandachtspunten waarop artsenorganisaties al jarenlang hameren. Zij benadrukken dat digitale toepassingen een meerwaarde kunnen bieden, op voorwaarde dat ze de arts ondersteunen en niet uitgroeien tot een parallel toegangscircuit naast de klassieke eerstelijnszorg.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.